Studentenraad TU Delft
Header

Dossier: Leiden – Delft – Erasmus

klik hier voor de factsheet

Dossier is gestart 28 oktober 2011, update 18 november 2014.

- Martijn Bregman is de schrijver van dit dossier, voor meer informatie kunt u contact met haar opnemen via martijn@oras.nl 

De Universiteit Leiden, de TU Delft en de Erasmus Universiteit Rotterdam (LDE) werken momenteel een plan uit voor een vergaande samenwerking. Het hoofddoel hiervoor is een internationaal betere concurrentiepositie om o.a. internationaal talent en fondsen aan te trekken. ORAS probeert het plan gedurende het planvormingsproces zoveel mogelijke de voor de Delftse student positieve kant op te sturen. Het is van belang dat het gaat om een alliantie, dus een samenwerking, en geen fusie.

Heb je leuke ideeën omtrent de alliantie, laat het ons weten!

Motivatie vanuit het bestuur

Tijden veranderen

Ten eerste breken tijden aan waarin de TU, maar ook de universiteiten van Leiden en Rotterdam rekening moeten houden met nieuwe concurrentie uit China, maar op langere termijn ook India, Brazilië en dergelijke groeiende economieën. Deze nieuwe concurrentie komt bovenop de al bestaande concurrentie tussen universiteiten in Europa en Amerika. Om deze concurrentie het hoofd te bieden moet de TU haar hoge kwaliteit zien te behouden, ondanks dat de beperkte investeringen van de overheid in het hoger onderwijs. Met een intensieve samenwerking kunnen de drie universiteiten internationaal een stevigere positie innemen, onder andere om wetenschappelijk talent (docenten, onderzoekers, maar ook studenten) aan te trekken.

Ten tweede worden de maatschappelijke vraagstukken die de wetenschap worden voorgelegd complexer. Het energieprobleem van morgen bijvoorbeeld is niet alleen op te lossen met technologische innovatie uit Delft. Economische impulsen en sociale veranderingen bij de consument zijn ook nodig. De TU Delft wil een gezamenlijke en multidisciplinaire aanpak voor dit soort problemen gaan stimuleren.

Ten derde gaan internationale onderzoeksfondsen zich meer richten op grotere clusters of excellence die grote wetenschappelijke portefeuilles (‘opdrachten’) aankunnen. Dit hangt uiteraard samen met de eerder genoemde toename van de complexiteit van maatschappelijke vraagstukken. Om deze fondsen binnen te kunnen slepen,  wil de TU Delft intensief gaan samenwerken met mogelijke partners in de regio.

Tot slot hebben alle Nederlandse universiteiten te maken met de Strategische Nota Hoger Onderwijs van staatssecretaris Halbe Zijlstra (destijds), waarin hij vraagt om meer  samenwerking en profilering: uitbouwen waar men goed is, laten vallen wat middelmatig is.

Kortom, om de TU Delft te houden moeten er plannen gemaakt worden om op deze veranderende omstandigheden in te spelen. Een extra voordeel voor de plannen met Leiden en Rotterdam is dat er al veel samengewerkt wordt. Denk aan LST, MST, Medical Delta en de nieuwe bachelors Nanobiologie en Klinische Technologie.

Waarom Leiden en Rotterdam

Het college van bestuur van de TU Delft, alsmede de CvB’s van de Universiteit Leiden en de Erasmus Universiteit Rotterdam, zien kansen voor deze omstandigheden door gezamenlijk de problematiek aan te pakken. De drie universiteiten zijn al langere tijd intensiever aan het samenwerking (denk aan bijv. de opleidingen LST en MST) en er liggen veel mogelijkheden om samen de complexe maatschappelijke vraagstukken, de zogenaamde ‘Grand Challenges’, te kunnen behandelen. Voor de behoefte aan clustering komt het bovendien uit dat de universiteiten relatief heel dicht bij elkaar liggen.

Meer samenwerking

De basis ligt er dus en de afspraken onderling zijn ook gemaakt. Onderzoeksgroepen moeten samenwerken of samengaan om zich harder te kunnen profileren en zo meer Europese fondsen binnen te slepen. Tevens moeten de drempels tussen de universiteiten voor multidisciplinaire samenwerking zoveel mogelijk verkleind worden, zodat de universiteiten hard met de Grand Challenges aan de slag kan gaan. (denk aan bijvoorbeeld LDE minors)

De komende tijd

De CvB’s zijn met elkaar in gesprek geweest in hoeverre dit soort dingen uitgevoerd zouden kunnen worden. Er is een regeling opgesteld. We hebben als Studentenraad goed gekeken naar dit document en verschillende adviezen uitgebracht, die hieronder staan toegelicht.

Gevaren voor studenten

Waken voor negatieve uitwerking

Als student valt je misschien op dat de student niet bepaald centraal staat in dit dossier. Het lijkt vooral te gaan om een sterkere concurrentiepositie die het CvB wil bereiken middels samenwerking. Daar is in principe niets mis mee, maar de student mag er geenszins op achteruitgaan. Dat houdt ook in dat als er veranderingen optreden die negatief (maar te accepteren) zijn voor studenten, er voordelen tegenover moeten staan.

Neem bijvoorbeeld het voornemen om meer multidisciplinair te gaan samenwerken. Daar is in eerste instantie niets mee aan de hand, tenzij het uiteindelijk zal leiden tot veel meer op en neer reizende studenten. Beeld je maar in: meer multidisciplinair samenwerken leidt tot samengaande onderzoeksgroepen en gezamenlijke opleidingen, waarna de student voor zijn vakken op en neer moet. Let op, dit hoeft natuurlijk niet zo te zijn, maar ORAS wil dergelijke situaties voor studenten zoveel mogelijk voorkomen.

ORAS zal waken voor besluiten die duidelijk een bepaalde (voor de student negatieve) richting op gaan. De kaders en contouren die op dit moment in het planvormingsproces gevormd worden, moeten genoeg ruimte laten om de uitwerking van het plan voordelig voor de Delftse student te laten uitkomen. De grootste discussie zal ontstaan over deze uitwerking en de focus van het studentenperspectief moet daarom vooral liggen op krachtige en eenduidige aandachtspunten en randvoorwaarden welke aan de planmakers meegegeven kunnen worden om zoveel mogelijk voordelen voor de Delftse studenten te scheppen of op zijn minst de situatie niet te laten verslechteren.

Aandachtspunten

We hebben de afgelopen tijd veel informatie die we hebben gekregen geanalyseerd om er potentiële gevaren voor studenten uit te halen. We hebben de aandachtspunten in een vroegtijdig stadium zo veel mogelijk aan het CvB gegeven, zodat er een goede plek voor deze punten in het plan kan worden gemaakt. De adviezen in de regeling zijn grotendeels meegenomen.   Hieronder vind je een aantal aandachtspunten die reeds zijn opgesteld:

1. Scheer Leiden, Delft en Rotterdam niet over één kam! Studievoortgangsmaatregelen moeten nauwkeurig afgestemd worden op het type student

Het CvB ziet de mogelijkheid om studies naar verhoging van studierendement te combineren. Immers speelt deze kwestie ook in Leiden en Rotterdam. ORAS vindt ook dat het nuttig is te kijken naar wat er op de andere universiteiten gebeurt aan de verhoging van het rendement, want wellicht zitten er goede ideeën bij. Wij willen echter benadrukken dat wat op de ene universiteit wordt toegepast, niet per se ook werkt op de andere. Technische studies zijn over het algemeen zwaarder dan een gemiddelde studie en lesmethodes verschillen soms veel met Leidse en Rotterdamse opleidingen. Denk bijvoorbeeld aan de grote mate van projectonderwijs en het belang van veel contacturen hier in Delft.

2.  Kiezen, niet delen! Nieuwe gezamenlijke studies moeten zoveel mogelijk plaatsvinden in één stad

Als gevolg van een grotere samenwerking, zullen er wellicht meer nieuwe studies ontstaan zoals LST en MST. De nieuwe bacheloropleiding Nanobiology van Delft en Rotterdam is een voorbode van dergelijke ontwikkelingen. Studenten die dergelijke studies kiezen, kiezen momenteel ook voor het reizen tussen twee steden, maar geven ook aan dat het eigenlijk een negatief punt is. ORAS denkt ook dat het beter is als een student zich toelegt op het studentenleven van één specifieke stad, zodat hij/zij niet op twee (of zelfs drie) plekken maar half mee kan doen.

ORAS pleit er daarom voor om bij de plannen voor een nieuwe studie er alles aan te doen om de studie in één bepaalde stad te zetelen. Kiezen, niet delen!

Jouw idee

Zie jij een groot gevaar met negatieve uitwerking voor de Delftse student in dit hele plan, dat hier nog niet bijstaat? Dan horen wij graag van jou! Bel, mail of kom langs!

Kansen voor studenten

Twee kansen

Met de huidige stand van de planvorming is het belangrijkste voordeel de vergroting van de keuze- en doorstroommogelijkheden voor de student. Immers, een goed samenwerkend geheel van drie universiteiten biedt een schat aan keuzevakken, minors, masters en projecten. Denk aan dreamteams en minors, waarbij vanuit allerlei combinaties van disciplines gekeken kan worden naar onderwerpen.

Een ander aantrekkelijk voordeel valt te behalen met een sterker en beter aanbod van voorzieningen. Het CvB heeft hier nog geen concrete invulling aan gegeven, maar dat kunnen wij als studenten makkelijk bedenken: studenten kunnen bij een vergaande samenwerking gemakkelijk gebruik maken van het bezit van drie universiteitsbibliotheken, van het volledige aanbod van alle sportvoorzieningen, van een grotere collectie aan evenementen en activiteiten op de drie universiteiten, en dergelijke.

Hier lijkt het tot nu toe een beetje bij te blijven, wat het CvB betreft. Andere punten die als voordeel worden gepresenteerd, vinden wij nog zeer vaag, abstract of twijfelachtig.

Aandachtspunten

Zelf denken we ook na over kansen van deze samenwerking. Hoe kunnen we dit plan nu gebruiken om onze universiteit nog beter, aantrekkelijker of efficiënter te maken dan zij nu al is? Een aantal voorstellen hebben wij, met medewerking van studenten uit verschillende hoeken van Delft, geformuleerd als aandachtspunten, net als de gevaren in het vorige hoofdstuk. Immers, kansen verdienen net zoveel aandacht als gevaren:

1.  Zonder administratieve rompslomp studeren in Leiden of Rotterdam.

Veel Delftse studenten volgen vakken of minoren in Leiden of Rotterdam. Nu krijg je dan te maken met twee (of zelfs drie?) verschillende instellingen, allemaal met hun eigen administratie. Een grote kans ligt er om dat allemaal te stroomlijnen: één loket waar je al je zaken over aanvragen, inschrijven, collegegeldbetalingen en cijfers in een keer kunt regelen.

2.  Ondernemerschap uit Rotterdam! Veel studenten vragen om ondernemerschapsonderwijs en zij vinden de Rotterdamse opleidingen erg goed

Ondernemerschap is populair in Delft. Dat blijkt al uit de snelheid waarmee ondernemerschapsminoren volstromen tijdens de inschrijvingen. Veel Delftenaren leren graag ondernemen, maar de mogelijkheden in Delft (YES!Delft, Delft Centre for Entrepreneurship) stromen erg snel vol en daarom kijken veel studenten naar de opties in Rotterdam.

Niet alleen het ondernemerschap, maar ook economische disciplines die voor techniekstudenten interessant, zijn namelijk sterk ontwikkeld in Rotterdam. Het zijn echte managers (lees ook het artikel van de TU Delta “Managers, nerds en boekenwurmen”) en de docenten in Rotterdam zijn erg goed op dit gebied (QS World ranking on Economics). Bovendien bestaat er een grote kans dat je later bij een bedrijf met een ‘Rotterdamse’ manager te maken krijgt. Gezamenlijk onderwijs en multidisciplinaire opdrachten zijn dan nuttig om op dit gebied de benodigde vaardigheden al te leren.

Jouw idee

Zie jij een grote kans voor de Delftse student die hier nog niet bijstaat? Dan horen wij graag van jou! Bel, mail of kom langs!

Kritiek vanuit de media

Sinds het NRC heeft aangekondigd dat “Universiteit Leiden, TU Delft en Erasmus gaan fuseren” is de publieke opinie goed op gang gekomen. Ook in de Tweede Kamer is het dossier ter sprake gekomen. In dit hoofdstuk geven we ruimte aan een aantal stevige standpunten, interessant voor degene die wat meer inzicht wil krijgen in de volledige breedte van de discussie.

Eerste nieuwsbericht NRC over fusieplannen

NRC Handelsblad, 22/07/11

Geef topuniversiteiten een kans

NRC Handelsblad, 05/09/11

“Nederland is wereldkampioen subtop en heeft dringend een topuniversiteit nodig. Onze welvaart hangt namelijk af van de internationale concurrentiepositie van onze instituten. Zonder topuniversiteit kunnen we op termijn talent behouden noch aantrekken.” Het model van de University of California gaat wellicht op voor Nederland.

Een goede universiteit is klein, geen fusiemoloch

NRC Handelsblad, 13/09/11

Ed P.J. van den Heuvel (emeritus hoogleraar sterrenkunde UvA) over de obstakels voor een Nederlandse topuniversiteit en over de gevaren van een eventuele fusie. En waarom het model van de University of California juist niet opgaat voor Nederland.

1+1+1=6

Mare (universiteitsblad Leiden), 12/09/11

Verschillende professionals en experts over wat het belang van de fusie is, wat er dan werkelijk moet samengaan en wat het oplevert. De verschillende invalshoeken geven een interessante kijk op het dossier, maar hun gezamenlijke boodschap is duidelijk: niemand staat er nog om te springen.

Managers, nerds en boekenwurmen

TU Delta, 05/10/11

TU Delta peilt studenten uit Leiden, Delft en Rotterdam wat zij van elkaar vinden. Een aantal typische eigenschappen van de studenten uit de verschillende steden komen naar voren. Soms hele verschillende eigenschappen kunnen gevolgen hebben als deze studenten straks veel meer met elkaar (moeten) samenwerken.

Enquête TU Delta

TU Delta, 02/11/11

Studenten uiten zich massaal negatief over de plannen van het CvB. ORAS vindt deze uiting terecht gezien de beperkte informatievoorziening tot nu toe. We concluderen dat de gegeven antwoorden overwegend zijn gebaseerd op emoties en die moeten gerespecteerd worden.

De chemie is er

Cursor (universiteitsblad Eindhoven), 26/01/12

In Eindhoven en Utrecht worden samenwerkingsbanden tussen universiteiten ook geïntensiviseerd. De preferred partnership die tussen de TU/e en de Universiteit Utrecht is gesloten, is gestoeld op een duidelijke meerwaarde. Dit leidt ORAS af uit het commentaar van medewekers en onderzoekers van beide universiteiten. Van hen en van de studenten moet de uiteindelijke  inspanning komen om de samenwerking te bewerkstelligen!

Rol ORAS

Onze positie

ORAS neemt zitting in de Studentenraad en de Studentenraad is onderdeel van de medezeggenschap. Wij zijn dus in principe een controlerend orgaan, geen beleidschrijvend orgaan. Wel doen we ons best bij grote dossiers zoals deze zoveel mogelijk bij het schrijven van het beleid betrokken te raken. Immers kun je aan het begin van een planvormingsproces veel gemakkelijker dingen veranderen dan aan het eind.

Onze betrokkenheid

Maandelijks laten we via de Overlegvergadering met Anka Mulder (CvB-lid) weten wat we van de stand van zaken vinden. We geven advies op de regeling omtrent de alliantie. Bovendien overleggen we met onze collega’s in Leiden en Rotterdam, zodat we een geluid kunnen geven richting onze CvB’s. We overleggen aandachtspunten en struikelpunten. Op dit soort momenten delen wij graag de kansen en gevaren die wij als studenten zien mede. In eerdere hoofdstukken in dit dossier kunnen jullie daar meer over lezen.

Onze gesprekspartners

Wij vormen de mening van ORAS niet met onszelf, d.w.z. met de zeven Raadsleden die namens ORAS zitting nemen in de Studentenraad. Wij vinden dat onze mening veel sterker en completer wordt als we ook naar de volgende mensen en groeperingen luisteren:

  • Studieverenigingen, de SVR
  • Facultaire Studentenraden (FSR’en)
  • Studentenverenigingen, de VeRa
  • De studentenraden van Leiden en Rotterdam
  • Lijst Bèta, partner en concurrent tegelijk in de Studentenraad
  • De VSSD
  • Contacten met gefuseerde of fuserende universiteiten wereldwijd (UvA/VU, Scandinavië, Californië)
  • Sport- en cultuurverenigingen (het DSSO voor sport)
  • Dreamteams
  • Jij, de actieve en gemotiveerde student

Rol studenten

Een mening vormen!

Wat betekent dit tot zover voor studenten? Zoals in hoofdstuk 1 ter sprake is gekomen heeft het CvB werkgroepen ingesteld om de mogelijkheden van de samenwerking te onderzoeken. Ook gaat zij de komende tijd informeren  bij studenten, docenten en medewerkers of heeft zij dat al gedaan. Het is goed om na te denken over wat jij van het plan dat tot nu toe op tafel ligt vindt. Hoe meer geluiden de planmakers vanuit de studenten horen, hoe meer er met deze geluiden rekening gehouden zal worden. De planmakers zullen tot op zekere hoogte ook wel moeten luisteren, want om een dergelijk plan succesvol te maken is er veel draagvlak nodig. De uitvoering van het plan moet namelijk over alle lagen van alle organisaties gaan plaatsvinden, ook onder de 19.000 studenten van de TU. Een mening vormen heeft dus zin!

Je mening spuien

Op welke manier het CvB zich door studenten zal laten informeren, is nog niet duidelijk, dus daar blijft de rol van studenten ook nog even onduidelijk. Een goede kans bestaat dat zij zogenaamde ‘Town Hall meetings’ gaat houden, grote bijeenkomsten in de Aula waar enigszins een dialoog gehouden kan worden. Via andere kanalen zijn er echter meer mogelijkheden om de studentenmening te spuien. De TU Delta bijvoorbeeld schrijft regelmatig stukken over dit dossier in haar wekelijkse blad en geeft daarin veel ruimte aan studenten. De Delta heeft recentelijk ook een enquête gehouden met interessante resultaten. En zeker, het CvB leest de Delta ook!

Denk verder ook aan activiteiten als “De krant lezen met de rector”. Dergelijke momenten zijn uitstekende mogelijkheden om het CvB (de rector is lid van het CvB) even flink aan de tand te voelen over de toekomst van de TU Delft en waar jij vindt dat het heen moet gaan.

ORAS vertegenwoordigt

In de Studentenraad maken wij van ORAS er onze dagtaak van om onze mening te vormen en deze te spuien. Hierin vertegenwoordigen wij de actieve en gemotiveerde studenten van Delft. Herken jij je in de visie van ORAS, dan zijn wij benieuwd naar jouw mening en nemen we deze zoveel mogelijk mee in onze overleggen met medewerkers en bestuurders van de TU!

Downloads

  • Uitwerking brainstorm (18 oktober 2011)
    ORAS heeft zelf het voortouw genomen om de planvorming de juiste kant op te sturen door met leden van 22 studentbesturen uit Delft te brainstormen over sterktes en zwaktes van onze universiteit en kansen en gevaren van een samenwerking/fusie. Dit zijn de uitkomsten.
  • Aandachtspunten LDE (5 december 2011)
    ORAS heeft samen met de Studentenraden van Delft, Leiden en Rotterdam algemene kansen en gevaren voor de samenwerkingsplannen geformuleerd. Hiermee wil ORAS anticiperen op mogelijke uitwerkingen van deze plannen. 
  • Factsheet LDE (5 december 2011)
    Korte samenvatting van het dossier LDE en de huidige stand van zake. Deze folder is ook verspreid is door de TU wijk. 
  • er volgt hier een uitspraak over de vergadering van november 2013

Nieuwsberichten (stand van zaken planvorming en mening ORAS)

FAQ

  1. Gaan we fuseren?
    Fuseren is één van de opties, maar geen doel op zich. Het gaat uiteindelijk om het inspelen op veranderende tijden, zoals omschreven in hoofdstuk 1 in dit dossier. Verder is er voor een fusie een wetswijziging nodig èn de instemming van de medezeggenschap (Studentenraad en Ondernemersraad) van alle universiteiten. Om zo’n zwaar traject succesvol te doorlopen moeten de voordelen erg groot zijn. Bovendien zal moeten blijken dat de voordelen niet net zo goed met andere vormen van samenwerking bereikt kunnen worden. De kans op fusie is dus aanwezig, maar klein.
  2. Moet ik straks meer gaan reizen?
    De Delftse opleidingen blijven voorlopig op hun plek
    Het CvB heeft laten weten dat aan bestaande opleidingen in Delft in ieder geval op de korte termijn (zeg zeker vijf jaar) niet gesleuteld gaat worden. Wanneer je nu dus in Delft studeert, zal dat straks niet ergens anders zijn. Op de lange termijn zal het verplaatsen van opleidingen alleen spelen als er elders in de regio ontwikkelingen in hoger onderwijs zijn waar de TU Delft graag mee wil samenwerken. Dat is in deze tijden een betere optie dan concurreren. Een extreme uitkomst zou kunnen zijn dat de besturen van de Delftse opleidingen en die in een andere stad besluiten te fuseren om hun samenwerking op één locatie voort te zetten. Houdt er voorlopig nog maar geen rekening mee.
    Men wil mee gebruik maken van elkaars kwaliteiten
    Waar de die hard Delftse opleidingen voorlopig stevig in Delft blijven bestaan, geldt dat wellicht niet voor de minder ontwikkelde delen van de TU. Omwille van de onderwijskwaliteit en de beschikbare financiën zullen de handen op bepaalde onderdelen ineen geslagen moeten worden.Voorbeeld:  ondernemerschap. YES!Delft en het Delft Centre for Entrepreneurship zijn goede ontwikkelingen op het gebied van ondernemerschapsonderwijs, maar in Rotterdam zijn ze over het algemeen veel verder. Veel Delftse studenten volgen dan ook al keuzevakken en minoren op dit gebied in de Rotterdam. De uitwerking van de samenwerkingsplannen zal wijzen of Delft en Rotterdam op dit gebied echt fysiek gaan fuseren. ORAS zal er in ieder geval alleen mee instemmen als het de onderwijskwaliteit ten goede komt en andere alternatieven goed overwogen zijn. Bovendien zal ORAS altijd blijven zeggen dat technostarters een eigen inslag geven aan ondernemerschap en dat deze waardevolle inslag niet mag verdwijnen
  3. Waar kan ik mijn mening kwijt?
    In de Studentenraad maken wij van ORAS er onze dagtaak van om onze mening te vormen en deze te spuien. Hierin vertegenwoordigen wij de actieve en gemotiveerde studenten van Delft. Herken jij je in de visie van ORAS, dan zijn wij benieuwd naar jouw mening en nemen we deze zoveel mogelijk mee in onze overleggen met medewerkers en bestuurders van de TU.Specifiek over dit onderwerp kun je altijd mailen naar LDE [at] oras.nl of geef ons eens een belletje!
  4. Waar kan ik meer informatie vinden?
    In het hoofdstuk Links kun je achtergrondinformatie over de samenwerkingsplannen vinden. Het zijn zowel documenten van het CvB als documenten van ORAS zelf.

2 Responses