Studentenraad TU Delft
Header

Dossier: Studierendement

klik hier voor de factsheet

Dossier gestart op: 18 november 2011, laatste update: 11 maart 2014

- Umbriël Post is de schrijver van dit dossier, voor meer informatie kunt u contact opnemen via umbriel@oras.nl 

De afgelopen jaren is er veel veranderd in onderwijsland. Er zijn verscheidene afspraken en akkoorden gesloten. Ook heeft een commissie een belangrijk rapport gepubliceerd waarin de toekomstbestendigheid van het onderwijs is onderzocht. De uiteindelijke uitkomst van al deze afspraken en akkoorden is de prestatieafspraak die de TU Delft met de overheid is aangegaan.

 Alle  afspraken en akkoorden hebben het startschot gegeven voor de veranderingen die de universiteit nu doormaakt. Het BSA, een nieuw curriculum, sneller studeren: alles hangt samen met die afspraken. Onderstaand document biedt inzage in het proces dat de TU Delft doormaakt en wat de rol van de medezeggenschapsraad is.
Allereerst hier de brief over de evaluatie van de nieuwe curricula, waar verderop ook ingegaan. 2013_12_20 Evaluatie nieuwe curriculum

Prestatieafspraken

De essentie van deze afspraken is gebaseerd op de volgende zaken:

  • ● de onderwijskwaliteit en het studiesucces van studenten
  • ● profilering van onderwijs
  • ● zwaartepuntvorming in het onderzoek
  • ● valorisatie

Middels de prestatieafspraken die per universiteit zijn gemaakt ontvangt de TU Delft nu ook een deel van haar financiering . Dat betekent dat niet langer alle financiën zijn gebaseerd op studenten aantallen, maar dat 7% van het budget wordt gebaseerd op de prestaties van een instelling. Daarnaast wordt een deel van de middelen (2%) selectief toegekend.

Een voorbeeld van zo’n afspraak is dat 55% van de studenten in 2015 de bachelor in vier jaar moet hebben gehaald. In 2020 moet dit vervolgens 75%. Nu is dat nog 49% (voorlopige cijfers 2013.

Ontoereikende uitvoering van de afspraken kan mogelijk negatieve gevolgen hebben voor de financiering voor de periode 2017-2020. De TuUvoelt dus de hete adem van de overheid in haar nek en doet er dus alle aan om rendementen e.d. op te krikken.

Vanuit dit kader is de TU Delft onder andere aan het werk gegaan om de rendementen en de studieduur van de Delft ’se student terug te dringen.

‘Koersen op Studiesucces’

Om het studierendement van de TU Delft te verbeteren is er vanuit het College van Bestuur (CvB), naar aanleiding van rapport Brakels, een rapport opgesteld. Dit rapport dat de naam ‘Koersen op Studiesucces’ draagt, bestaat uit een pakket van maatregelen die ervoor moeten zorgen dat studenten sneller zullen studeren. Daarnaast wordt er in het rapport gesproken over een cultuurverandering bij zowel student als docent. De verschillende maatregelen en de cultuuromslag zullen kort worden uit het rapport worden gelicht.

Cultuuromslag

De klacht van de het College van Bestuur is dat het normaal wordt gevonden dat 60% van de studenten in één keer slaagt voor een tentamen. De TU Delft geeft aan dat het studierendement niet kan verbeteren zonder dat de heersende cultuur verandert. Er is een mentaliteits- en gedragsverandering nodig bij iedereen die bij het onderwijs betrokken is. Docenten zullen zich nieuwe werkwijzen eigen moeten maken. Studenten zullen meer verantwoordelijkheid voor hun studiegedrag moeten nemen.

Modulair onderwijs

Afgelopen jaar, en voor sommige faculteiten de komende jaren, zijn de bacheloropleidingen anders vormgegeven. Het is de bedoeling dat dit een transitie zal brengen naar modulair onderwijs. Modulair onderwijs houdt het volgende in: ‘Een module in onderwijskundige zin is een afgerond, intern samenhangend en in zekere mate zelfstandig onderdeel van de leerstof van een opleiding, dat zodanige didactische aanwijzingen bevat betreffende presentatie, verwerking en toetsing, dat deze in hun onderlinge samenhang de zelfstandigheid van het onderdeel benadrukken.’2

In de nieuwe curricula is het zo dat er minimaal 2 en maximaal 3 verschillende vakken naast elkaar gegeven worden. In 2014 zullen de laatste bachelors veranderen.

Effectievere contacttijd

De TU Delft wilt naar een onderwijssysteem waar meer ruimte is voor activerende werkvormen. De activiteiten van studenten en docenten zijn bij actieve werkvormen anders dan bij bijvoorbeeld de traditionele hoorcolleges. Daarnaast zal er beter gekeken worden naar de hoeveelheid aan contacturen die de student gemiddeld in een week heeft. Het uitgangspunt hiervan is 12 contacturen in de week, omdat dit volgens de wet van Vos3 zorgt voor het grootst aantal zelfstudie uren.

De TU zal ook meer geld beschikbaar stellen voor studiebegeleiding, zodat de studenten die dat nodig hebben, gebruik kunnen maken van extra begeleiding.

Toetsing en studiesucces

Om de studievoortgang te bevorderen gaat de toetsing op de TU veranderen. Zo bestaat er het streven om minder vaak te gaan tentamineren, moeten er vaker tussentoetsen komen die gericht zijn op feedback voor de student en moeten studenten kunnen compenseren binnen modules.

De TU wilt er voor zorgen dat het aantal tentamens terug loopt, zodat studenten zich beter kunnen focussen op een tentamen. Per 2.5 EC mag er maximaal een meetellend tentamen zijn.

Naast het terugdringen van het aantal tentamens, moeten er meer feedbacktoetsen komen. Toetsing wordt dan gebruikt als feedback naar studenten over de mate waarin ze tijdens hun leerproces hun leerdoelen hebben bereikt. Hier kan gedacht worden aan een huiswerkopdracht die ingeleverd moet worden of bijvoorbeeld een computertoets.

Compenseren binnen modules gaat mogelijk gemaakt worden. Zo liggen er plannen om dit standaard binnen modules te laten plaats vinden, tussen modules gaat dit niet mogelijk zijn. De aanbeveling van het CvB is dat men kan compenseren vanaf een 4.0. Dat dit gaat gebeuren is niet zeker, aangezien de examencommissies op de verschillende faculteiten verantwoordelijk zijn voor de compensatieregeling.

Betere spreiding studielast

De TU ziet in dat op dit moment de studielast nog niet altijd even goed is gespreid over de verschillende weken en periodes, daarom zal er gekeken worden naar de verdeling van de studielast. Als het nodig blijkt te zijn zal samen met de aankomende onderwijsveranderingen een herverdeling gaan plaatsvinden van de studielast. Bij deze verdeling zal specifiek gelet gaan worden op de indeling van de verschillende deadlines, toetsen en tentamens.

Om het overzicht voor de student te vergroten zullen er ook studieplanningstabellen worden gemaakt. Deze tabellen, die een initiatief zijn van ORAS, zullen ervoor zorgen dat studenten weten wat de docent van hen verwacht. In een dergelijke tabel staan de contacturen vermeld, welke studieactiviteiten van de studenten worden gevraagd (doorlezen boek, maken opdracht, werken aan project, etc.) inclusief de geschatte studietijd voor deze activiteiten, en zijn de inlevermomenten en toetsmomenten opgenomen.

Faculteiten aan zet

De kaders van de verschillende maatregelen die hierboven naar voren zijn gekomen, moeten nu worden uitgewerkt door de verschillende faculteiten. Het hele traject van het opzetten van deze kaders is doorlopen en de faculteiten zullen dus binnen deze kaders gaan werken. Doordat het om kaders gaat, zal er tussen de faculteiten ook verschil ontstaan over de opzet van de bijvoorbeeld modulair onderwijs. Dit is ook het gevolg van de andere inhoud van de opleidingen.

Op veel faculteiten zijn er verschillende werkgroepen opgezet om de maatregelen uit te werken. Deze facultaire projectteams bevatten bijna altijd studenten, omdat de TU Delft een cultuuromslag beoogt en hiervoor elke actor betrokken moet worden. De Facultaire Studentenraden (FSR) zullen vanaf nu een belangrijke rol gaan spelen omtrent de invoer van de maatregelen. Niet alleen omdat ze vaak deelnemen aan een facultair projectteam, maar ook omdat ze formele rechten hebben over het al dan niet implementeren van de maatregelen. ORAS heeft daarom ter informatie van de FSRen een document4 opgesteld waarin de rechten ten aanzien van de verschillende maatregelen uiteen worden gezet.

Rol van ORAS/SR

In het proces van het doorvoeren van de maatregelen zijn tot nu toe drie fases te onderscheiden. De eerste was de fase waarin de TU Delft maatregelen aandroeg die het studierendement zouden moeten verbeteren, de tweede het schetsen van de kaders van de eerder aangedragen maatregelen en de huidige fase is het uitwerken van de maatregelen op de faculteiten. Per fase zal de rol van ORAS en de SR worden beschreven.

In collegejaar 2010/2011 heeft de TU Delft het rapport Brakels uitgebracht. In dit rapport, ‘Naar een bachelordiploma in vier jaar!’5, stonden verschillende maatregelen die het studierendement zouden moeten verbeteren.  Als reactie hierop heeft ORAS een document geschreven waarin inhoudelijk wordt gereageerd op de voorgestelde maatregelen. Deze input is toen meegenomen en ook besproken in een overlegvergadering met het CvB6.

Toen het CvB uit de adviesnotitie een groot gedeelte van de maatregelen in een voorgenomen besluit heeft meegenomen, heeft ORAS nogmaals een reactie geformuleerd7. Deze reactie is besproken in een overlegvergadering. Het CvB heeft naar aanleiding van deze vergadering een aanvullend besluit  gedaan, waar een aantal belangrijke randvoorwaarden van ORAS zijn opgenomen. Dit aanvullende besluit is toen ook naar alle studenten gemaild8. De punten die het CvB heeft overgenomen van de Studentenraad zijn de volgende:

  • ● extra middelen voor studiebegeleiding,
  • ● uitzonderingsbepaling BSA bij  onstudeerbaarheid onderwijsprogramma,
  • ● de universiteit besteedt structureel aandacht aan het professionaliseren van docenten ,
  • ● monitoren bachelor eindproject,
  • ● heldere voorlichting aan potentiële studenten en
  • ● evaluatie na vier jaar van het bindend studieadvies (BSA) op basis van 45 ECTS.

Nadat het officiële besluit van het CvB er lag, is de werkgroep Didactiek opgezet. Aan deze werkgroep heeft de Studentenraad ook deelgenomen om de stem van de student te laten horen. Vanuit deze werkgroep is het rapport ‘Koersen op Studiesucces’2 verschenen. Naar aanleiding hiervan zijn de faculteiten bezig met het uitwerken van de maatregelen en is de rol van ORAS veranderd. De rol van ORAS is in plaats van het veranderen van de maatregelen via het CvB, meer veranderd naar de Facultaire Studentenraden (FSR) te ondersteunen bij het uitwerken van de maatregelen op de faculteiten. Dit resulteert meer in het informeren van FSRen over bijvoorbeeld de rechten die ze hebben9 of het ondersteunen door het beantwoorden van vragen en dergelijken.

Nu hebben de fase waarin we aansturen op dat er geevalueerd wordt en dat daar studenten in betrokken worden.

In December 2013 heeft de SR een inventarisatie gedaan naar het aantal verplichtingen dat in de nieuwe curricula zit. De brief hierover staat bovenaan bij documenten.

ORAS denkt dat een van de dingen hoe je een goed ingenieur wordt, dat je niet te veel verplicht wordt, zodat je zelfs kan plannen en verantwoording kan nemen.

Links

  1.  ‘Naar een ambitieuze studiecultuur: Studiesucces in het wetenschappelijk onderwijs’ – OCW 
  2. ‘Koersen op studiesucces’
  3. Verhouding zelfstudie en contacttijd
  4. link naar rechten document
  5. Naar een bachelordiploma in vier jaar!
  6. reactie SR op Advies notitie
  7. reactie SR op voorgenomen besluit
  8. mail CvB naar studenten
  9. Rechten document FSRen