fbpx

Wij betastudenten worden wel heel hard gepakt

‘gepubliceerd in NRC op 12 januari’

Wil het kabinet nog wel echte ingenieurs in dit land? Houd dan een volwaardige master betaalbaar

De bezuinigingsmaatregelen van het kabinet van het kabinet raken de bètastudenten harder dan andere studenten. Waarom toch? Steun bèta’s!, zeggen Hester van der Waa en Mariska Heidema.

Het kabinet Rutte heeft zich voorgenomen om per september 2012 de basisbeurs voor studenten in de masterfase af te schaffen en het OV-studentenreisrecht te verkorten. Het beoogde wetsvoorstel is al besproken in de Raad van State en zal waarschijnlijk nog in januari naar de Tweede Kamer worden gestuurd.

Deze maatregelen treffen bètastudenten onevenredig hard door hun twee- in plaats van eenjarige master. Daarnaast blijkt dat studenten aangeven de technische studies bij invoering van de maatregelen eerder links te laten liggen om voor kortere en dus goedkopere studies te kiezen. Terwijl in het beleid van het kabinet staat dat de kenniseconomie versterkt moet worden met negen topsectoren, waarin volledig opgeleide bèta’s onmisbaar zijn.

Techniekstudenten vormen de grootste groep studenten die een tweejarige master moeten afronden voordat zij de arbeidsmarkt op kunnen. De meeste andere studies -studies zoals geneeskunde daargelaten- geven studenten de keuze om een eenjarige master te volgen. Hierdoor worden de ingenieurs in opleiding twee keer zo hard getroffen. De masterfase beslaat 40% van de opleiding van bètastudent tot volwaardig ingenieur. Omdat zo’n groot deel van de opleiding in de masterfase zit zijn de studies daar op ingericht. Een technisch student leert in zijn masterfase dan ook nog veel vaardigheden en kennis die essentieel zijn voor het uitvoeren van zijn vak. Je kunt stellen dat een bèta met alleen een technische bachelor maar 60% ingenieur is, en niemand vertrouwt het bouwen van een brug toe aan een halve ingenieur.

Ter vervanging van de basisbeurs in de masterfase komt er voor studenten een mogelijkheid om te lenen. Veel studenten hebben aangegeven hierdoor geen tweejarige master meer te willen doen, omdat dit een twee keer zo hoge studieschuld zal opleveren. Waarom zou je immers een hoge studieschuld willen opbouwen als je ook een Delftse bachelor kan combineren met bijvoorbeeld een eenjarige bestuurskundemaster? Indien de master goed gekozen is, zal de student niet eens zijn goede positie op de banenmarkt verliezen. Toch zal iedere bèta die niet voor een technische master kiest een gemis zijn voor de Nederlandse economie.

In het afgelopen jaar zijn er al veel bezuinigingen in het hoger onderwijs doorgevoerd. Zo worden de budgeten van universiteiten gekort, maar krijgen ook studenten te maken met financiële maatregelen als een langstudeerboete wanneer hun studie uitloopt. In de discussie rond die langstudeerboete waren veel politici het overigens al eens: er moest een uitzondering komen voor bètastudenten, omdat hun studie vaak erg zwaar is en zij daardoor snel uitlopen. Zelfs staatssecretaris Halbe Zijlstra gaf in november 2010 nog aan te willen bekijken of er een dergelijke uitzondering mogelijk was. Nu komen daar het afschaffen van de basisbeurs voor masterstudenten en het inkorten van het OV-studentenreisrecht nog eens bovenop, en ook bij deze plannen is er nog geen eerlijke regeling voor bèta’s.

Het huidige kabinet wil de internationale positie van het bedrijfsleven versterken met behulp van negen “topsectoren”. Deze topsectoren moeten de fundamenten van de Nederlandse kenniseconomie worden. Bij de topsectoren moet gedacht worden aan bijvoorbeeld Life-sciences, Chemie en Water; gebieden waarin Nederland wil excelleren. Bij al deze topsectoren zijn bèta’s die hun master hebben afgerond van fundamenteel belang. Bovendien is er voor de topsectoren nu al een tekort aan goed opgeleide technici.

Als de huidige plannen ongewijzigd door de Tweede en Eerste Kamer worden aangenomen, zal het aantal techniekstudenten afnemen. Om een Nederland met halve ingenieurs te voorkomen is het nu tijd de bèta’s te steunen in plaats van te straffen. Alleen met voldoende opgeleide ingenieurs kunnen we uitblinken in onze topsectoren en een internationaal concurrerende kenniseconomie blijven. Daarom vraagt de studentenvertegenwoordiging van de TU Delft het kabinet om bèta’s te steunen en daarmee de kenniseconomie te redden. Volwaardige ingenieurs zijn immers een fundament waar niet alleen de Nederlandse dijken, maar ook de Nederlandse kenniseconomie op rust.

Hester van der Waa is voorzitter van de studentenraad van de Technische Universiteit Delft. Mariska Heidema is voorzitter van de Delftse studentenvakbond VSSD.

Update: ook in goede morgen Nederland wordt er aandacht aan geven aan het opinie artikel. “Als je op deze wijze die tweejarige masters laat betalen door de student dan ga je een buitengewoon kritisch pad op.”  aldus Paul Rullmann (vanaf 32 minuten)

Reacties - 2

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Gesponsord door